Maandagavond 10 mei is op een bijeenkomst op het wijkbureau het Plan van Aanpak voor Cultuur in Oost gepresenteerd. De opsteller van dit plan, Saar van der Spek van het Kaasschaafcollectief, had in opdracht van enkele wijkbewoners uitgezocht waar in Utrecht-Oost vooral de culturele behoeften liggen. 
Op grond van het beeld dat hieruit oprijst doet zij enkele aanbevelingen.
De eerste van die aanbevelingen is het aanstellen van een kwartiermaker, een cultuurmakelaar, in de wijk. Dat is iemand die in deeltijd de verschillende culturele initiatieven in de wijk met elkaar in verband brengt. En ook de contacten onderhoudt met de bestaande culturele en maatschappelijke instellingen in de wijk en in de stad, zoals Cumulus Welzijn, de onderwijsinstellingen en Vrede van Utrecht. Het gebeurt te vaak dat mensen in de wijk van elkaar niet weten met wat voor initiatieven zij bezig zijn.
De tweede aanbeveling is om voor de verschillende culturele activiteiten niet een nieuwe speciale plek in te richten. Een nieuw gebouw is om redenen van kosten en beheersinspanning nog een stap te ver. Er moet worden gemikt op het gebruik van tijdelijke plekken, waar de culturele initiatieven een onderkomen kunnen vinden.
De laatste aanbeveling van Saar van der Spek betreft het opzetten van een cultureel wijkprogramma met aandacht voor de achterstandsbuurten. Het gaat hier vaak om kleinere buurten die van de kant van het stadsbestuur niet altijd voldoende aandacht krijgen. Wanneer voor deze buurten sociale kunstprojecten en initiatieven voor talentontwikkeling kunnen worden georganiseerd, zou dat goed uitpakken voor de leefbaarheid en sociale samenhang van deze buurten.





